
Zodra de eerste warme dagen aanbreken, verandert een auto zonder airco al snel in een rijdende sauna. Zeker in druk verkeer of op vakantie met het gezin merk je hoe vermoeiend rijden zonder koeling kan zijn. Een goed werkende auto-airco verhoogt niet alleen het comfort, maar ook je verkeersveiligheid: je blijft alerter, je reageert sneller en je ruiten slaan minder snel dicht. Steeds meer automobilisten vragen zich daarom af of het loont om achteraf een airco te laten inbouwen in plaats van een andere auto te kopen. De keuze is minder zwart-wit dan het lijkt; de technische opbouw van moderne auto’s, strengere milieuregels en de kosten van onderdelen maken het traject behoorlijk specialistisch. Wie precies weet wat erbij komt kijken, voorkomt verrassingen én onnodige kosten.
Verschil tussen fabrieksairco en achteraf ingebouwde airco in je auto
Een fabrieksairco is vanaf dag één in het ontwerp van de auto meegenomen. Alle componenten – van compressor tot bedieningspaneel – zijn geïntegreerd in de kabelboom, software en het interieurontwerp. Bij een achteraf ingebouwde airco moet de specialist werken met bestaande ruimte in motorruimte en dashboard. Dat betekent vaak extra brackets, aangepaste leidingen en soms zelfs aangepast plaatwerk. Bij bepaalde modellen, zoals een oudere Volkswagen Golf of Opel Astra, is dat relatief goed te doen; bij moderne auto’s met complexe CAN-bus-netwerken wordt het stukken lastiger.
Een belangrijk verschil merk je in de bediening. Fabrieksairco’s zijn volledig afgestemd op het originele klimaatregelsysteem van de auto, vaak met dual-zone of zelfs drie zones. Een retrofit-oplossing is meestal eenvoudiger: handmatige airco met draaiknoppen of een enkelzonesysteem. Qua koelcapaciteit kun je met een goed inbouwpakket vrijwel dezelfde prestaties halen, maar zaken als automatische ontwaseming of slimme eco-modi zijn minder verfijnd. Dat is één van de redenen waarom sommige vakgarages adviseren om voor een relatief gewone middenklasser liever een exemplaar mét fabrieksairco te zoeken als je auto al wat ouder is.
Een professioneel ingebouwde airco kan technisch uitstekend koelen, maar haalt zelden de volledig naadloze integratie van een fabrieksairco qua bediening, software en interieurafwerking.
Technische componenten van een aircosysteem in de auto
Compressortypen (onder meer denso en sanden) en aandrijving via multiriem
De compressor is het hart van je auto-airco. Merken als Denso en Sanden domineren de markt, omdat ze compact, efficiënt en betrouwbaar zijn. De meeste compressoren worden mechanisch aangedreven via de multiriem van de motor. Zodra jij de airco inschakelt, grijpt een elektromagnetische koppeling aan en begint de compressor het koudemiddel samen te persen. Bij achteraf inbouwen moet worden gecontroleerd of de krukaspoelie, ruimte voor een extra riemloop en de motorsteunen geschikt zijn voor een extra compressor. Zeker bij kleinere benzinemotoren is dat een kritisch punt.
Je merkt de aanwezigheid van de compressor ook tijdens het rijden: het brandstofverbruik stijgt gemiddeld 5 tot 10 procent wanneer de airco actief is. Bij oudere motoren met minder vermogen kun je een duidelijk verlies aan trekkracht voelen, vooral bij volle belading of met aanhanger. Een ervaren aircospecialist beoordeelt daarom eerst of het motorvermogen en de riemaandrijving toereikend zijn, voordat een definitieve offerte wordt gemaakt. Professioneel advies op dit vlak voorkomt dat je later met pech langs de weg staat door een overbelaste riem of vastgelopen compressor.
Condensor, verdamper en expansieventiel: plaatsing in motorruimte en dashboard
De condensor lijkt qua vorm sterk op een radiateur en zit meestal direct voor of naast de motorradiateur in de frontmodule. Hier wordt het samengeperste, hete koudemiddel afgekoeld door de rijwind en de koelventilator. Bij inbouw van airco moet worden bekeken of er voldoende ruimte is vóór het koelblok; soms moet de bumperbalk of ventilatorunit aangepast of vervangen worden. In een compacte stadsauto is dat vaak een puzzel, terwijl een bestelbus doorgaans meer ruimte biedt voor extra koeloppervlak.
De verdamper bevindt zich juist in het interieur, meestal diep achter het dashboard in de ventilatiekast. Het expansieventiel of de verstuiver reduceert de druk van het koudemiddel, waarna dit in de verdamper verdampt en warmte aan de langsstromende lucht onttrekt. Die koude lucht wordt daarna via roosters de auto ingeblazen. Bij jonge occasions is de ventilatiekast soms al voorbereid op een verdamper, bij oudere types moet het complete kachelhuis worden vervangen. Dat verklaart waarom de arbeidskosten bij sommige modellen richting een hele werkdag of zelfs twee dagen kunnen oplopen.
Koelmiddeltypen r134a en r1234yf en implicaties voor installatie en onderhoud
De meeste auto’s vanaf midden jaren ’90 tot circa 2017 rijden met koudemiddel R134a. Sindsdien schrijven Europese regels voor dat nieuwe modellen gebruikmaken van R1234yf, een milieuvriendelijker maar duurder koudemiddel met een veel lager Global Warming Potential. Voor jou als bestuurder betekent dit dat de prijs voor het laten vullen of bijvullen van een airco met R1234yf aanzienlijk hoger ligt dan met R134a. In de praktijk gaat het vaak om 2 tot 3 keer zo hoge kosten per kilo koudemiddel.
Bij het laten inbouwen van een airco in een moderne auto moet de specialist zich houden aan de F-gassenverordening. Alleen gecertificeerde bedrijven mogen met deze koudemiddelen werken. Dat zie je terug in de offerte: vacumeren, lektest en vullen zijn geen vrijblijvende extra’s, maar verplichte stappen. Een goed ontworpen systeem met R1234yf is doorgaans net zo krachtig als een systeem met R134a, maar stelt hogere eisen aan lekdichtheid en montagekwaliteit. Juist daarom is een erkend F-gassenmonteur essentieel als je toekomstige lekkages en dure reparaties wilt vermijden.
Bedieningspanelen, sensors en klimaatregelmodules bij handmatige en automatische airco
De bediening van een ingebouwde airco varieert van eenvoudige drieknops-panelen tot complete automatische klimaatregeling. Bij een handmatige airco stel je zelf de ventilatorsnelheid en temperatuur in, bij automatische airco (climate control) regelen temperatuur- en zonnesensors, luchtkleppen en ventilatorsnelheid alles zelfstandig. In moderne auto’s zijn deze functies vaak geïntegreerd in een centrale klimaatmodule die communiceert via CAN-bus met motorregeleenheid en dashboard.
Wanneer je achteraf een airco laat installeren, gelden hier grote verschillen per merk en type. Sommige modellen van Volkswagen, Opel en Peugeot hebben voorbereidende bedrading en eenvoudige integratie-opties, andere vereisen complete vervanging van het dashboardpaneel en aanvullende softwarecodering. Vooral bij infotainmentsystemen met touchscreens moet zorgvuldig worden nagedacht over de bediening. Een goed adviesgesprek vóór de inbouw voorkomt dat je eindigt met een los universeel paneeltje dat niet mooi in het interieur oogt.
Drogerfilter, o‑ringen en leidingen: voorkomen van lekkage en drukverlies
Een aircosysteem staat continu onder hoge druk en wordt blootgesteld aan trillingen, temperatuurwisselingen en vocht. Het drogerfilter (of filterdroger) verwijdert vocht en vuildeeltjes uit het koudemiddel om corrosie en ijsvorming te voorkomen. Bij het laten bouwen van een airco in je auto wordt altijd een nieuwe filterdroger geplaatst, omdat zelfs kleine hoeveelheden vocht op termijn grote schade kunnen veroorzaken aan compressor en expansieventiel.
De leidingen tussen compressor, condensor, verdamper en filterdroger zijn deels van aluminium en deels van flexibele slangen. Op alle overgangen zitten O-ringen die absoluut lekdicht moeten zijn. Een vakman gebruikt daarom precies voorgeschreven ringmaten en smeert ze in met speciale airco-olie voor montage. Slordige montage, verkeerde afdichtingen of te strak gemonteerde leidingen zorgen vaak pas maanden later voor drukverlies. Daarom hoort een uitgebreide lektest (met stikstof of forming gas) standaard bij een professionele installatie.
Stappenplan: airco laten inbouwen in een bestaande auto
Voorinspectie: controle op motorvermogen, laadcapaciteit dynamo en ruimte achter dashboard
Voor een serieuze offerte is een grondige voorinspectie onmisbaar. De aircospecialist kijkt eerst naar het motorvermogen en de technische staat van de auto. Een klein stadsautootje met 60 pk en versleten multiriem is simpelweg minder geschikt dan een gezonde middenklasser met ruime motorruimte. Ook de laadcapaciteit van de dynamo wordt beoordeeld: een airco vraagt extra elektrische energie voor de ventilator, koppelingsspoel en eventueel extra koelventilatoren. Is de dynamo te licht, dan kan een zwaarder exemplaar nodig zijn.
Daarnaast wordt gekeken naar de beschikbare ruimte achter het dashboard. Bij sommige youngtimers is de ventilatiekast eenvoudig bereikbaar; bij moderne auto’s moet vaak het hele dashboard, inclusief airbagmodules, worden verwijderd. De specialist schat daarbij de montage-uren en het risico op kierende of krakende panelen na demontage. Deze fase bepaalt of een inbouw economisch verantwoord is of dat een andere auto met fabrieksairco uiteindelijk goedkoper uitpakt.
Selectie van een passend inbouwpakket voor merken als volkswagen, opel en peugeot
Na de inspectie volgt de keuze voor een passend inbouwpakket. Voor populaire modellen van Volkswagen, Opel, Peugeot en andere volumemerken bestaan vaak specifieke retrofit-kits. Deze bevatten onder meer compressor, condensor, verdamper, leidingen, filterdroger, bevestigingsmateriaal en een bedieningsunit die is afgestemd op het betreffende dashboard. Zulke sets zijn duurder dan universele systemen, maar leveren meestal een betere pasvorm, kortere montagetijd en minder kans op resonanties of lekkages.
Bij oudere modellen of zeldzame uitvoeringen grijpt de specialist soms naar een universele airco-unit. Die wordt dan in de ventilatiekast geïntegreerd of zelfs als losse onderbouwunit in het interieur geplaatst. Dat is technisch vaak prima, maar qua uitstraling minder fraai. Zeker als je de auto als youngtimer zakelijk rijdt, is het de moeite waard om te investeren in een oplossing die visueel zo dicht mogelijk bij een originele fabrieksairco komt. Een goed gedocumenteerd inbouwpakket met duidelijke handleiding verkleint bovendien de kans op fouten tijdens de montage.
Montage van compressor, condensor en leidingen in de motorruimte
De daadwerkelijke montage begint meestal in de motorruimte. De compressor wordt met speciale beugels aan het motorblok bevestigd en aangesloten op de multiriem. Vervolgens monteert de monteur de condensor in de frontmodule en sluit deze via aluminium leidingen en slangen aan op de compressor en filterdroger. Hierbij is correcte routing cruciaal: leidingen mogen niet schuren, knikken of te dicht langs hete uitlaatspruitstukken lopen.
In veel gevallen moeten bestaande componenten worden verplaatst of aangepast, zoals de koelventilator, koelvloeistofslangen of de ruitensproeiervuller. Bij bestelbusjes en campers is er vaak meer vrijheid, maar is de totale slanglengte weer groter, wat extra aandacht vraagt voor drukverlies en bevestigingspunten. Een ervaren monteur plant de lay-out vooraf, zodat het systeem zowel koeltechnisch als mechanisch optimaal functioneert en toegankelijk blijft voor toekomstig onderhoud.
Dashboarddemontage voor montage van verdamper, ventilatormodule en bedieningsunit
De verdamper en ventilatormodule vragen het meeste demontagewerk. Vaak moet het complete dashboard los, inclusief stuurkolomkappen, middenconsole en soms zelfs airbags. De kachelunit wordt uitgebouwd, vervangen of aangepast en voorzien van de nieuwe verdamper. Vervolgens wordt de ventilatorunit zo geplaatst dat luchtstroom en geluidsniveau vergelijkbaar zijn met de originele situatie. In deze fase ligt veel nadruk op nette bedrading, rammelvrije montage en correcte afdichting van luchtkanalen.
Tegelijkertijd wordt de bedieningsunit gemonteerd. In de ideale situatie past een originele of OEM-compatible unit op de plaats van het oude bedieningpaneel. Bij universele systemen komt er soms een extra bedieningspaneel bij, dat in de middenconsole of onder het dashboard wordt ingebouwd. Een nette afwerking – zonder gatenkaas in het dashboard – heeft direct invloed op de restwaarde en de dagelijkse tevredenheid over de installatie. Vraag daarom vooraf expliciet naar foto’s van eerdere projecten met jouw automodel.
Vacumeren, lektest en vullen met koelmiddel volgens f‑gassenrichtlijn
Zodra alle mechanische onderdelen zijn gemonteerd, volgt het koeltechnische deel. De aircospecialist sluit een service-unit aan op het systeem, vacumeert gedurende 30 tot 60 minuten en controleert of de druk stabiel blijft. Elke drukval wijst op een lek, dat eerst gelokaliseerd en verholpen moet worden. Pas daarna wordt het voorgeschreven aantal gram koudemiddel en de juiste hoeveelheid airco-olie ingebracht. Voor veel personenauto’s gaat het om zo’n 500 tot 1000 gram koudemiddel, met een natuurlijke afname van 8 tot 15 procent per jaar.
Na het vullen wordt het systeem op verschillende toerentallen getest. De specialist meet de uitblaastemperatuur, controleert de inschakelfrequentie van de compressor en luistert naar ongewenste geluiden van ventilatoren en leidingen. De laatste stap is het controleren van de werking van ontwaseming en de temperatuurstabiliteit bij langere ritten. Een goede installateur geeft vervolgens uitleg over juist gebruik: bijvoorbeeld de airco regelmatig laten draaien, ook in de winter, om de compressor gesmeerd te houden en schimmelvorming tegen te gaan.
Kostenopbouw van een airco-inbouw: onderdelen, arbeid en bijkomende posten
Prijs van aircopakketten per autosegment (stadsauto, middenklasser, bestelbus)
De kosten van een complete airco laten bouwen in je auto variëren sterk per segment en model. Voor een eenvoudige stadsauto begint een basisset inclusief onderdelen vaak rond de € 1.500 tot € 2.000. Voeg daar arbeid aan toe en het totaal komt al snel uit op € 2.000 tot € 2.500. Voor een typische middenklasser ligt het gemiddelde tussen € 2.500 en € 3.000, met bekende uitschieters richting de € 4.000 voor complexere modellen of auto’s zonder fabrieksvoorbereiding.
Bij grotere bestelbusjes of campers spelen langere leidingen, zwaardere compressoren en soms extra binnenunits een rol. Hier lopen de kosten voor het volledige aircosysteem inclusief montage regelmatig op tot € 3.000 à € 4.000. Vergelijk dit altijd met de meerprijs van een soortgelijke occasion mét werkende fabrieksairco. Zeker als de auto al ouder is dan tien jaar, kan een wissel naar een andere auto economisch aantrekkelijker zijn dan een dure inbouw in een verouderd voertuig.
| Autotype | Richtprijs onderdelen | Totale richtprijs incl. montage |
|---|---|---|
| Stadsauto | € 1.500 – € 2.000 | € 2.000 – € 2.500 |
| Middenklasser | € 1.800 – € 2.400 | € 2.500 – € 3.000+ |
| Bestelbus / camper | € 2.000 – € 2.800 | € 3.000 – € 4.000 |
Arbeidsuren bij universele garages versus merkdealers (bovag, bosch car service)
Arbeidskosten vormen een groot deel van de totale investering. Gemiddeld liggen uurtarieven bij universele garages tussen de € 60 en € 90 per uur, terwijl merkdealers en gespecialiseerde klimaatspecialisten vaak € 90 tot € 130 per uur rekenen. Een volledige inbouw van een airco in een auto zonder voorbereiding kost al gauw 10 tot 20 werkuren, afhankelijk van de mate van dashboarddemontage en de complexiteit van de elektronica.
Een Bovag- of Bosch Car Service-garage biedt doorgaans toegang tot merkspecifieke documentatie en diagnoseapparatuur, wat vooral bij moderne CAN-bus-systemen een voordeel is. Aan de andere kant beschikken gespecialiseerde aircobedrijven vaak over meer praktische ervaring met complexe retrofit-projecten. Het loont dus om offertes niet alleen op prijs, maar ook op ervaring en garantievoorwaarden te vergelijken. Een paar uur minder arbeidsloon weegt niet op tegen terugkerende storingen of lekkages.
Extra kosten voor kabelbomen, relais, zekeringen en softwarecodering
Naast de zichtbare componenten zijn er tal van kleine posten die de prijs opdrijven. Denk aan aanvullende kabelbomen, relais, zekeringen, stekkers en montagebeugels. Bij oudere auto’s volstaan soms eenvoudige bedrading en een extra zekering in de kast, maar bij moderne voertuigen moet de airco worden geïntegreerd in de centrale elektrische module. Dat betekent vaak softwarecodering of het vrijschakelen van functies in de boordcomputer.
Softwarecodering vraagt tijd en merkspecifieke apparatuur. Soms is een dealerbezoek noodzakelijk om de klimaatmodule of motor-ECU te herprogrammeren. Reken hiervoor op extra kosten van enkele tientallen tot ruim honderd euro. Deze stap is cruciaal: zonder correcte codering kan de motorregeleenheid de aircocompressor niet goed aansturen, wat leidt tot onnodig hoog stationair toerental of juist tot het niet inschakelen van de airco bij warm weer. Transparantie over deze nevenkosten in de offerte is een teken van professionaliteit.
Meerprijs voor r1234yf-koelmiddel, olie en airco-service na inbouw
De keuze van het koudemiddel heeft direct invloed op de exploitatiekosten. Zoals eerder genoemd is R1234yf aanzienlijk duurder dan R134a. Voor een standaardcircuit van 600 tot 800 gram kan het verschil tussen beide varianten oplopen tot enkele honderden euro’s over de volledige levensduur, zeker als je de airco elke 4 tot 6 jaar laat servicen. Houd daar rekening mee in het totale kostenplaatje van “airco laten bouwen in je auto”.
Naast het koudemiddel wordt tijdens onderhoud ook airco-olie gecontroleerd of bijgevuld. Deze olie smeert de compressor en wordt samen met het koudemiddel door het systeem getransporteerd. Een drooglopend systeem leidt vrijwel altijd tot een vastloper van de compressor, met reparatiekosten van € 600 tot € 1.500 voor een nieuwe compressor, exclusief arbeid. Jaarlijkse checks en periodiek bijvullen zijn dus geen luxe, maar noodzakelijk om dure schade te voorkomen.
Geschiktheid per automodel: oudere auto’s, youngtimers en moderne CAN-bus systemen
Niet elke auto is even geschikt voor het achteraf inbouwen van airco. Bij oudere auto’s zonder airbags en met eenvoudige bedrading is de mechanische kant vaak eenvoudiger, maar de vraag is of de totale waarde van de auto de investering rechtvaardigt. Een compacte auto van twintig jaar oud met een marktwaarde van € 1.500 wordt economisch gezien zelden een logische kandidaat voor een aircotraject van € 3.000. Toch kiezen sommige liefhebbers hier bewust voor, bijvoorbeeld bij zeldzame klassiekers of emotioneel waardevolle auto’s.
Youngtimers vormen een aparte categorie. Voor zakelijke rijders kan een goed uitgeruste youngtimer fiscaal interessant zijn, zeker als de auto verder in topstaat verkeert. In dat geval kan een professionele airco-inbouw de dagelijkse gebruikswaarde sterk verhogen. Het loont om specifiek te zoeken naar modellen waarvoor originele of OEM-achtige retrofit-kits beschikbaar zijn. Dan blijft de originele uitstraling van het interieur behouden en is de kans op storingen kleiner.
Bij moderne auto’s met uitgebreide CAN-bus systemen en geïntegreerde klimaatmodules verschuift de uitdaging naar software en elektronica. Het simpelweg “bijprikken” van een extra airco-unit is dan geen optie meer. De airco moet communiceren met motor-ECU, body control module, ventilatorregeling en soms zelfs met ADAS-systemen die rekening houden met motorbelasting. Daarvoor is merkspecifieke kennis en apparatuur vereist. Zonder deze expertise loop je het risico op hardnekkige storingslampjes, slecht regelende klimaatbeheersing of zelfs uitval van andere elektronica.
Hoe moderner de auto, hoe belangrijker dat de airco-inbouw wordt uitgevoerd door een specialist met aantoonbare ervaring en toegang tot merkspecifieke softwaretools.
Vergelijking van inbouwoplossingen: originele OEM-sets, universele systemen en retrofit-kits
Wie een airco wil laten bouwen in de auto, staat grofweg voor drie categorieën oplossingen: originele OEM-sets, universele systemen en merkspecifieke retrofit-kits. OEM-sets zijn originele onderdelen zoals de fabrikant ze zelf monteert in de fabriek. Deze bieden de mooiste integratie en vaak de beste betrouwbaarheid, maar zijn niet altijd meer leverbaar voor oudere modellen en liggen prijs technisch aan de bovenkant van de markt.
Universele systemen zijn aantrekkelijker geprijsd en flexibel inzetbaar in uiteenlopende voertuigen. Ze zijn vooral interessant voor bestelbusjes, campers of zeldzame modellen waar geen specifieke kit meer voor bestaat. De keerzijde is dat de montage meer maatwerk vergt, met risico op minder fraaie inbouw en meer tijdsoverschrijding. Daarbij is de bediening vaak generiek, waardoor de look & feel minder goed aansluit op het originele interieurdesign.
| Type oplossing | Voordelen | Nadelen |
|---|---|---|
| OEM-set | Perfecte pasvorm, hoge betrouwbaarheid, naadloze integratie | Hoge prijs, soms niet meer leverbaar |
| Retrofit-kit (merkspecifiek) | Goede pasvorm, duidelijke handleiding, vaak gunstige prijs/prestatie | Niet voor elk model beschikbaar, soms beperkte opties |
| Universeel systeem | Flexibel inzetbaar, vaak voordeliger, goed voor bussen/campers | Meer maatwerk, minder fraaie bediening, langere montagetijd |
Retrofit-kits vormen in de praktijk vaak de gulden middenweg: ze zijn ontwikkeld voor specifieke modellen of platformen, bevatten alle benodigde brackets, leidingen en soms zelfs nieuwe interieurpanelen. Een goede retrofit-kit levert een uitstraling die dicht tegen fabrieksniveau aanzit, terwijl de prijs onder die van complete OEM-oplossingen blijft. Voor veel populaire modellen uit de compacte en middenklasse is dit de meest gekozen route. Vraag altijd naar herkomst van de kit, garantievoorwaarden en of de leverancier ervaring heeft met precies jouw modeljaar en motorvariant.
Veelgemaakte fouten bij airco laten bouwen en hoe een erkend f-gassenmonteur ze voorkomt
Een auto-airco achteraf laten inbouwen is een complex project waarbij kleine fouten grote gevolgen kunnen hebben. Een veelgemaakte fout is het onderschatten van de noodzakelijke demontage. Wanneer een monteur probeert “om het dashboard heen” te werken om tijd te besparen, ontstaan vaak slecht passende luchtkanalen, piepende panelen en moeilijk bereikbare verbindingen die later gaan lekken. Een erkend F-gassenmonteur zal juist aandringen op volledige demontage waar nodig, omdat dit op de lange termijn storingen voorkomt.
Een tweede fout is het klakkeloos bijvullen van een slecht functionerende airco zonder eerst naar lekkage of vervuiling te zoeken. Zoals eerder genoemd, verliest een systeem gemiddeld 8 tot 15 procent koudemiddel per jaar. Bij een goed onderhouden installatie wordt dat gecompenseerd tijdens periodieke service. Blijft de koelcapaciteit snel teruglopen of hoor je sissende geluiden, dan wijst dat vrijwel altijd op lekkage, verstopte componenten of een defecte compressor. Alleen een systematische diagnose – met drukmetingen, lektests en visuele inspectie – levert een blijvende oplossing op.
Verder gaat het vaak mis bij de keuze van onderdelen. Te goedkope, generieke compressoren of condensors lijken aantrekkelijk, maar hebben soms lagere efficiëntie, slechtere balans of mindere corrosiebestendigheid. Dat merk je in hogere geluidsniveaus, trillingen of vroegtijdige uitval. Een professional kiest meestal voor A-merken en houdt rekening met de specifieke belasting van jouw motor en rijprofiel. Zo blijft de installatie niet alleen de eerste zomer, maar ook tien jaar later nog betrouwbaar functioneren.
Tot slot is verkeerd gebruik een onderschat probleem. Veel bestuurders zetten de airco alleen in de zomer aan en laten het systeem de rest van het jaar stil staan. Hierdoor circuleert de olie onvoldoende, drogen afdichtingen uit en ontstaat schimmelvorming in de verdamper. Een erkend aircospecialist zal uitleggen dat je de airco het hele jaar door af en toe kort moet inschakelen, dat jaarlijkse controle verstandig is en dat reiniging van interieurfilter en verdamper geuroverlast en gezondheidsklachten voorkomt. Door deze gebruiksadviezen serieus te nemen, haal je het maximale rendement uit de investering in een nieuw ingebouwde airco.